Ons strijdplan bestaat, bewust, uit twee luiken: een luik maatregelen in de gezondheidszorg én een luik noodzakelijk flankerend beleid. “Dat tweede luik is echt cruciaal: gezondheidsmaatregelen alleen zullen het probleem niet oplossen” stelt Dedry. “Ook de maatschappelijk oorzaken moeten we aanpakken, anders blijft het dweilen met de kraan open. Zolang de verkoop van fastfood en bereide gerechten blijft stijgen, zal het aantal gevallen van obesitas niet zakken…”

“Zolang de Minister obesitas niet op een globale manier aanpakt blijft het dweilen met de kraan open.”

Luik 1 – 5 maatregelen in de gezondheidszorg:

  • Maatregel 1: een zorgtraject voor zwaarlijvige kinderen en hun ouders – uitwerken van een persoonlijk zorgtraject dat op een alomvattende, multidisciplinaire manier het hele gezin begeleidt in het curatief genezingsproces (met een centrale rol voor de huisarts, inclusief terugbetaling voor diëtist en psycholoog).
  • Maatregel 2: begeleiding tijdens én voor de zwangerschap (inclusief promotie borstvoeding) – positieve gedragsbeïnvloeding tot stand brengen bij zwangere vrouwen én hun partners. Preventie is belangrijk: daarom willen we die factoren aanpakken die bijdragen tot een verhoogd risico op obesitas bij kinderen (bijv. roken, gewichtstoename, suikerspiegel tijdens de zwangerschap). Dat moeten thema’s worden in de bijscholing van gynaecologen, huisartsen en vroedvrouwen.
  • Maatregel 3: aandacht voor mentale gezondheid van kinderen en jongeren – psychologische ondersteuning kan broodnodig zijn om jongeren te helpen een positief zelfbeeld te ontwikkelen, met aandacht voor socio-culturele factoren (belang van samen en gezellig eten met het gezin, actieve levensstijl,…)
  • Maatregel 4 : een speciaal luik voor 5 t.e.m. 18 jarigen in het Nationaal Voeding- en Gezondheidsplan – Kinderen verdienen, maar hebben ook nood aan, een andere aanpak qua voeding en gezondheid dan volwassenen. Zeker in het geval van zwaarlijvigheid. Daarom roepen wij de Minister op om werk te maken van een apart luik in het Nationaal Voeding- en Gezondheidsplan specifiek gericht op deze leeftijdscategorie. Het is onlogisch dat het nog niet bestaat
  • Maatregel 5: alertheid voor minder bekende boosdoeners zoals
    • transvetten – Transvetten brengen hoge risico’s met zich mee, zoals bevestigd door de Hoge Gezondheidsraad . Toch worden ze ongelimiteerd toegestaan. Daarom pleit Groen voor het instellen van een bovengrens van 2g industrieel geproduceerde transvetten per 100g vet of olie. Want ze hebben geen meerwaarde in onze voeding, zitten vaak in producten die minder kosten en worden daarom vaker geconsumeerd door personen met een lagere sociaaleconomische status.
    • hormoonverstorende chemische stoffen – De WGO en UNEP wezen op een gevaarlijk verband tussen blootstelling aan hormoonverstorende stoffen en obesitas. Ecolo- Groen diende reeds een resolutie in om hier meer aandacht aan te besteden. En met een wetsvoorstel willen we hormoonverstoorders bisfenol A en S te bannen uit voedselverpakkingen. Maar de meerderheid wacht op Europa en kijkt dus opnieuw de kat uit de boom…

Luik 2 – 5 flankerende maatregelen voor de retail sector, voedingsindustrie en adverteerders

  • Maatregel 6: investeer in gezonde kidsmarketing  alleen informeren om positieve gedragswijziging te verkrijgen werkt niet. Sociale marketing geeft mensen een duwtje in de rug om gezonde producten te kiezen. Zet bijvoorbeeld gezonde producten zoals groente en fruit ook in de kijker voor kinderen via gezonde kidsmarketing.
  • Maatregel 7: kinderidolen inzetten voor gezonde producten – Koop als overheid licenties van bedrijven zoals Studio 100 om hun populaire kinderidolen ook in te kunnen zetten voor sociale marketing. Bijvoorbeeld voor waterdrinkbussen. Maar moedig ook de good practices aan bij de retailers. Een goed voorbeeld is Albert Heijn: hun huismerken gebruiken kinderidolen voor het promoten van gezonde voeding.
  • Maatregel 8: ondersteuning uitbreiding vrijwillige sectorovereenkomst (Belgian Pledge) mét overheidsmiddelen – de vrijwillige sectorovereenkomst tussen Comeos, Fevia en UBA regelt dat de ondertekenaars geen reclame maken voor ongezonde voeding en dranken t.a.v. kinderen jonger dan 12 jaar. We willen dat Minister De Block dit initiatief ondersteunt en meer retailers overtuigt (eventueel met financiële stimuli) om de Pledge te ondertekenen. Bovendien is de Pledge momenteel enkel nog van toepassing voor televisie, radio, pers en internet. Reclame in de winkel, sociale media, vlogs en Youtube hebben ook een grote invloed en moeten geïntegreerd worden in de Pledge.
  • Maatregel 9: meer transparantie én uitbreiding van de controle – zoals in Nederland reeds gangbaar is moet er in België een meer kritische en open discussiecultuur komen rond de maatschappelijke verantwoordelijkheid van supermarkten. Onder andere via deze maatregelen willen we dit bereiken:
    • Transparante controle door onafhankelijke onderzoekbureaus inzake ‘ongezonde reclame’, publiek opvraagbaar/consulteerbaar.
    • Uitbreiding controle naar websites, sociale media en volgs.
    • Ook controle van bedrijven die het zelfregulerend engagement van de Belgian Pledge niet aangaan.
    • Een ondersteuning door de overheid voor supermarkten die vrijwillig een bindende resultaatsverbintenis aangaan inzake een switch van reclame voor ongezonde naar gezonde voeding.
  • Maatregel 10: duidelijke voedseletikettering – maak gebruik van een helder label op de voorkant van de verpakking dat de consument richting gezonde voeding leidt, zoals vermeld door de resolutie die op 19 mei 2016 werd goedgekeurd in het federaal parlement.

Het zijn 10 maatregelen die Minister De Block eenvoudig kan toepassen én waarvoor ze de steun van de voeding- en marketingsector heeft. De kansen liggen dus duidelijk voor het grijpen. Het is hoog tijd om van België één van de voortrekkers te maken in de strijd tegen zwaarlijvigheid.

“Het is hoog tijd om van België één van de voorvechters te maken in de strijd tegen zwaarlijvigheid!”